Forum Eerste Wereldoorlog Forum Index Forum Eerste Wereldoorlog
Hét WO1-forum voor Nederland en Vlaanderen
 
 FAQFAQ   ZoekenZoeken   GebruikerslijstGebruikerslijst   WikiWiki   RegistreerRegistreer 
 ProfielProfiel   Log in om je privé berichten te bekijkenLog in om je privé berichten te bekijken   InloggenInloggen   Actieve TopicsActieve Topics 

CANADA: Deel IV Mount Sorrel (Hill 62)

 
Plaats nieuw bericht   Plaats Reactie    Forum Eerste Wereldoorlog Forum Index -> Het Britse Leger en de Commonwealth eenheden Actieve Topics
Vorige onderwerp :: Volgende onderwerp  
Auteur Bericht
Ernst Friedrich
Gast





BerichtGeplaatst: 08 Nov 2007 16:16    Onderwerp: CANADA: Deel IV Mount Sorrel (Hill 62) Reageer met quote

CANADA: deel IV Mount Sorrel



Waar en wanneer

Juni 1916. De plaats van handeling is te zien op het volgende kaartje, Mount Sorrel zo
ongeveer tussen Hill 62 en Hill 60.
In de Duitse maar ook door de Britten overgenomen terminologie is Hill 62 ‘Tor Top’
en samen met de direct aangrenzende hoogte ‘61’ spreekt men over de ‘Doppelhöhe’.
Mount Sorrel is de heuvel aangeduid met ‘59’

In een Engelse tekst:
The action described as the Battle of Mount Sorrel took place between Hill 60 at Zwarteleen
and Hooge. Much of the ground was wooded, as it is again today. The eastern edges of Armagh
Wood and Sanctuary Wood lay on a crest line, topped by the heights of Mount Sorrel and Tor
Top. The latter was alternatively named Hill 62, as it rose to 62 metres above sea level, some 25
30 metres higher than the shallow ground at Zillebeke and on towards Ypres. Once on the crest
line, an occupying force enjoyed excellent observation over the Ypres salient, the town itself, and
the approach roads, railways and tracks.








Eerste schets uit Christie, The Canadians at Mount Sorrel, en de derde is van deze site:
http://www.1914-1918.net/bat14_5.htm

De gevechten vonden plaats in de periode van 2 tot 13 juni 1916.

Wie

Van Canadese zijde namen de 1st, de 2nd en de 3rd Canadian Division deel aan de strijd.
De 3rd Canadian Division was in december 1915 opgericht en bestond uit de 7th, 8th en 9th
Brigade. In de 7th Brigade was wel degelijk ervaring aanwezig met de zeer ervaren Princess
Patricia’s Canadian Light Infantry die het eerst overzee gezonden was en tot dusverre deel
uitmaakte van een Britse divisie, en het Royal Canadian Regiment, het enige permanente
infanterie regiment van (ik veronderstel) beroepssoldaten.
De samenstelling van de Canadese divisies heb ik eerder in ‘Canada algemeen’ gegeven.
(http://forumeerstewereldoorlog.nl/viewtopic.php?t=11160 vgl. plaatsing 30 Okt 2007 1:33,
tweede helft van de posting)
De Britten zetten de 20th Division in.
Daartegenover lag namens Duitsland het XIII Armee Korps met de 26., 27. en
117. Infanterie Division. “Württembergers”, heten ze eenvoudig in de Engelse herinnering.
De 27.I.D. lag links van de 26.I.D. tussen het Sanctuary Wood en het Ieper-Koomen kanaal.

Waarom
We zitten nu tussen de Tweede (1915) en de Derde (1917) slag om Ieper in. Je zou zeggen
een rustige periode. Maar de Ieper Saliënt is steeds een van de dodelijkste plekken aan het
front gebleven. Dat bewees nu ook Mount Sorrel. Want terwijl de geallieerde staven alle
aandacht hadden voor de voorbereiding van het offensief aan de Somme waarvan zij heel veel
verwachtten, eigenlijk ook de voordelige beslissing in deze vastgelopen oorlog, zaten de
Duitsers niet stil. Zij waren met nieuwe wapens gekomen, gas en de vlammenwerper, hadden
een geweldig offensief voor Verdun ontketend en een zeer goed figuur geslagen in de slag bij
Jutland waar de schier onaantastbare Royal Navy 14 schepen verloor en 6.000 schepelingen.
De grote mijnenslag moet op dit moment nog komen, maar tot dusverre slaagden ook de
Duitsers erin te verrassen met ondergrondse acties.
In 1915 hadden de Britten bovendien welbeschouwd alleen teleurstellingen te verwerken
gekregen, zuidelijk van Ieper: Armentières, Neuve Chapelle, Festubert, Aubers Ridge,
Givenchy en niet te vergeten Loos.
Daar komt nog bij dat –volgens latere waarnemers- na alle bittere gevechten in het vorige jaar
om Hooge en Hill 60, met vlammenwerpers en ondergrondse mijnontploffingen, man tegen
man gevechten, - het bezit van deze posities ook een kwestie van prestige was geworden.

Bovenal, zoals steeds ook hier in deze sector, bleven de Duitsers actief zoeken naar
versterking van hun positie, naar de beste springplank naar Ieper te zijner tijd. Een
positieverbetering op de hoogten ten zuidoosten van Ieper was zo’n tussendoel.. Daartoe
ontketende het Duitse Vierde leger hier in de Zillebeke sector een geweldige, vernietigende
explosieve kracht van zowel de artillerie als ondergrondse mijnen in de frontsector tussen
Hill 62 en Mount Sorrel, de ‘top’ iets boven het huidige Kemphof.
In de Duitse literatuur heet het “Der Sturm des XIII.Armeekorps auf die Doppelhöhe 60
am 2. Juni 1916.
”.



Deze 26.I.D. en de 27.I.D. vielen de Canadezen aan.
Zij slaagden erin om de Observation Ridge te bezetten maar werden in de tegenaanval
dadelijk gedwongen die posities weer op te geven.
Alle betrokken Duitse regimenten leden zware verliezen.
Maar dat gold ook de Canadezen.

Alvast iets van een evaluatie

Christie zegt dat de Mount Sorrel een typische Eerste Wereldoorlog slag is:
geen strategische betekenis, eindigde zoals het begon. Slecht voorbereid,
meer iets als een gok. En waarom ? Het ging om een beter overzicht, weer
zo’n ‘klein’ argument voor een actie met ‘dramatische’ gevolgen. Onbegrijpelijk grote aantallen in feite gewillige slachtoffers.
De 3nd Canadian Division was nog maar juist aangekomen, miste iedere relevante ervaring,
onvoorbereid en niet ingewerkt, maar kreeg ongelukkigerwijs het zwaartepunt van de aanval
over zicht heen. Zij stond onder bevel van major-general Malcolm Mercer, een
Canadees en beroepsofficier van het staande Canadese leger.
De Brit Byng was juist aangesteld als nieuwe bevelhebber over de Canadese troepen. (Nadat
Alderson ontslagen was officieel vanwege het échec van St. Eloi maar feitelijk na ruzie met
de bekende Canadese minister Sam Hughes over dat vervloekte Ross geweer, de hoofdmoot
van een troetelproject van de minister maar in het gebruik -bij ‘rapid fire’- rampzalig
onbetrouwbaar.)
Dit nooit weer, dacht Byng hardop. Ook al, zij het niet onder zijn commando, omdat de toen
onervaren, nieuw gevormde 2nd Canadian Division een catastrofe had beleefd in the
‘Actions of St. Eloi craters’.
Voor de Canadezen werd ‘Mount Sorrel’ het keerpunt: het begin van een constante
kwaliteitsverbetering die erin zou resulteren dat het Canadese Corps van een groep
ongedisciplineerde ‘colonials’ het vanwege zijn aanvalskracht meest geduchte corps werd.
De benoeming van Byng wordt door de Canadezen nu nog beschouwd als een godsgeschenk.
Byng brengt het na de oorlog zelfs nog tot Gouverneur-generaal van Canada, van 1921 –
1926.
(Misschien is Christie niet helemaal objectief, maar waarom zou hij hier ongelijk hebben.)
De glorie van de Canadezen is verbonden met Vimy, Passchendaele en Amiens maar in het
collectieve geheugen van de Canadezen neemt ‘Mount Sorrel’ toch een grote plaats in.
Vanwege het grote aantal slachtoffers. Tienduizend Canadezen stierven, raakten gewond of
werden krijgsgevangen gemaakt.

De gedetailleerde frontlijn
Eind maart kreeg Mercer bevel zijn 3rd Canadian Division te verplaatsen naar de mest letale
sector van het front in de Ieper Saliënt, van Hooge tot Mount Sorrel. Begin april werd de 1st
Canadian Division overgebracht naar de Hill 60 sector. Hill 60 was in februari verloren
gegaan en de Duitsers keken nu vandaar gemakkelijk op Ieper. Niemand sliep hier gerust,
altijd met ten minste één oor open uitluisterend naar onderaards geluid ten teken van een
ophanden zijnde ontploffende ondermijning.
De Canadezen bezetten begin juni dus het front van St.Eloi tot aan Hooge.



De 3rd Division zat aan de noordzijde, de gevaarlijkse kant binnen het directe bereik van Duits geweervuur.
De verdedigingslijn bestond uit acht outposts die je bij daglicht eigenlijk niet kon bereiken. De ruimte
daartussen bood geen beschutting en je stond er tot aan je middel in water en slijk.
De voorste lijn zuidelijk van de weg bestond uit een ondergelopen loopgraaf waarvan de parapet geen enkele
stevigheid bood, die je bereikte via een lange, vervallen, beschadigde en onbeschutte verbindings-loopgraaf.
De lijken konden hier niet geborgen worden vanwege het constante gevaar van een sluipschutter, plotseling machine-
geweervuur en onregelmatige, plotselinge granaatinslagen: “enfilading the whole position”.
De support line liep hier 500 meter achter de voorste lijn.
Dan was er nog ‘the gap’ van 350 meter, zie het eerste kaartje, net ten zuiden van de weg. Op
bovenstaand kaartje moet the gap gedacht worden aan het eind van de rode lijn die na dat stuk
onbegaanbaar en onbezet terrein zou moeten doorlopen naar de weg.
Dan komt het 900 meter lange stuk van de Patricia’s door het Sanctuary Wood, het meest
vooruitspringende deel (apex) gevolgd door de lijn over de Tor Top gehouden door twee
‘dismounted’(afgestegen?) cavalry regiments, het 1st (Saskatchewan) en het 4th (Central
Ontario). De defensie is hier in de diepte uitgebouwd, dat wil zeggen door het directe
achterland loopt een systeem van verbindings- en supportloopgraven, gelardeerd met
versterkte posten. De reserves worden paraat gehouden 400 m. tot nog geen 2 km achter de
eerste lijn: de Black Watch of Montreal (het 42nd) en de5th CMR.
De 1st Canadian Division, 2nd Brigade, neemt het front van daar over en bezet de
beruchte Hill60 sector. De verantwoordelijkheid ligt hier bij het 5th (Saskatwechan), 8th (90th
Battalion Rifles of Winnipeg) en het 7th (British Columbia).
Vanaf de Railway Cutting is de 2nd Canadian Division in charge, tot aan the Bluff.
(The Bluff is ook zo’n typisch gebied van de ondergrondse oorlogsvoering en voortdurend
dreigende ‘sudden death’). Vanaf The Bluff tot aan St.Eloi tenslotte zijn het de Nova Scotia’s
(25th) en de New Brunswicks (26th) die frontdienst doen.

In de Engelse tekst:
Six weeks of planning and careful preparations for the capture and retention of the Tor Top
ridge were made by the XIII (Württemburg) Corps, before they launched their attack on 2nd June
1916. Their objective was simply to grab the last dominating observation position in front of
Ypres and keep as many British units as possible pinned down in the area, to avoid them
assisting the obvious build up on the Somme or relieving more French units to go to the defence
of Verdun. Although no fresh infantry Divisions were brought in, much heavy artillery was
assembled, as was a mass of trench mortars. New advanced outpost positions were dug, along
with many new dugouts for sheltering the assault troops. On 31st May and 1st June 1916, the
three Canadian Divisions holding the line all reported much increased enemy artillery and
airborne activity, but apart from that there was no obvious cause for alarm.


At 6am on 2nd June, Major-General Malcolm Mercer, GOC 3rd Canadian Division, went on a
personal reconnaissance of the Mount Sorrel and Tor Top front, accompanied by Brigadier
General V.A.S. Williams
, GOC 8th Canadian Brigade. They were under instruction by new
Canadian Corps commander Lieutenant-General Hon. Sir Julian Byng to plan a local attack to
improve their position.


2 juni 1916
Even na achten opende de Duitse artillerie het vuur dat opgewerkt werd tot een hevig
bombardement. En het was raak. De toch al wankele infrastructuur van de frontlijn werd
vernietigd en er vielen zeer vele slachtoffers. De communicatie met de eenheden in de voorste
lijn werd afgesneden.

The shellfire continued and intensified yet again at 12:30pm, as the British
front line - trenches, wire defences, dugouts - were destroyed. Many wounded were taken to the
only seemingly safe place, an underground work called "The Tunnel" on the reverse slope of
Mount Sorrel which was also the HQ of the 4th Canadian Mounted Rifles, of 8th Brigade. The
British artillery replied, but gradually it became less effective as telephone lines were cut by
shellfire, and all of the forward observation officers in the front lines became casualties.


Toen om 1.00 p.m. het bombardement stopte trilede en beefde de aarde en kwamen de ondergrondse mijnen tot ontploffing. Waar de 4th CMR zat werd alles in de lucht geblazen,
mensen, wapens, planken, zandzakken, prikkeldraad. In drie stappen waren de Duitsers er om van de totale chaos gebruik te maken en de laatste weerstandsnesten op te ruimen.

At just after 1 pm, the German pioneers blew a small number of mines just short of the now
obliterated British fire trench at Mount Sorrel. Five battalions of the 25th and 26th Wurttemburg
Divisions, with another eleven behind them, moved to the advance. The main strength fell
against 4th and 1st Canadian Mounted Rifles, of 8th Brigade, and the right-most Company of
Princess Patricia's Canadian Light Infantry. There was little fire from the British positions here,
although machine guns on both flanks did good work, to halt the enemy advance.


Ter weerszijden van dit episch centrum slaagden de Patricia’s erin om veel aanvallers te
doden en de aanval af te remmen. Dat lukte het 5th Battalion op Hill 60 ook. Maar het was de
Duitsers te doen om Observatory Ridge en in die opzet slaagden zij gemakkelijk.
De 5th Battery of the Canadian Field Artillery offerde zich op achter hun ‘suicide guns’.
Vanaf onbeschermde standplaatsen vuurden zij over het open veld op de aanvallers. Dat ging
niet erg lang goed. Toch gaf hun actie voldoende respijt voor de snelle opmars van de
reserves. Vooral de 5th CMR hield vanuit de Maple Copse de boel dicht.
Het voorlopige resultaat was dat de Duitsers over een lengte van 1200 meter een gat hadden
geslagen, van Mount Sorrel tot het Sanctuary Wood, over de Tor Top en de Obervatory
Ridge.
De Patricia’s in the Sanctuary Wood moesten ook terug maar deden dat koelbloedig en
effectief, ’trench-block-by-trench-block’.
En ik weet nooit hoe ik daarover moet denken. Over de actie van luitenant-kolonel Buller. Hij
voerde de reserves van het 42nd aan ter ondersteuning van de P.P.C.L.I. naar en in het
Sanctuary Wood. Om ze aan te moedigen sprong hij op de parados. Het volgende moment
was hij dood.



Intussen was men zich in het hoofdkwartier niet bewust van de ernst van de situatie.
Bovendien werden Mercer en Williams vermist en het zou nog tot laat duren
voor hun lot bekend werd.

Engels:
Brigadier-General V.A.S. Williams[/n] was wounded in the head soon after the German
bombardment began; he was taken prisoner when the enemy infantry attacked. Major-General M.
S. [b]Mercer
, stunned and deafened by the shell burst, found his way to an aid post but
insisted on leaving to rejoin his HQ. He was hit and his leg broken. As he lay in the open, he was
struck by shrapnel and killed. The loss of two key commanders in the very centre of the
operations was a critical blow. Much later in the day, when it became clear the officers had been
lost, Byng hurriedly appointed Brigadier-General E. S. Hoare Nairne, the commander of
the 3rd Division's artillery, to command of the Division.


De mislukte tegenaanval van 3 juni 1917
Byng beveelt een tegenaanval. De 1st Canadian Division moet de Duitsers van de
Observatory Ridge verdrijven. De 3rd Canadian Division krijgt de opdracht om het Sanctuary
Wood te heroveren. Vier bataljons werden er door de 1ste divisie ingezet; het 7de (British
Columbia) en het 10de (Alberta) om de Mount Sorrel aan te grijpen en het 15de (Highlanders
of Toronto) en het 14de (Royal Montreal Regiment) moesten van twee kanten de Observatory
Ridge benaderen. Hoe goed was deze tegenaanval voorbereid? De eerste aanvalsgolf moet
uitgesteld worden omdat de communicatiemiddelen er niet zijn en als de aanval om 7.00 am
van start gaat wordt die eerste golf genadeloos neergemaaid: geen cover en een hele lange
aanloop van wel 500 meter in het ochtendgrauwen. Ternauwernood slagen zij erin om de
verbinding te leggen maken tussen de Canadese lijn bij Maple Copse en die achter Mount
Sorrel bij Square Wood. Maar dat was vooral van belang uit defensief oogpunt en niet de
bedoelde aanvallende actie.
De onervarenheid van de 3de Divisie bleek opnieuw. Alleen de Alberta’s van het 49ste lukte
het om 300 meter op te rukken door het Sanctuary Wood en slaagde er bijna in de
oorspronkelijke posities opnieuw in te nemen. De andere bataljons vielen ten prooi aan de
algehele verwarring, konden zich niet oriënteren en waren ook niet voldoende uitgerust.
De tegenaanval op 3 juni was een mislukking. Te gehaast, geen artillerie support en nog veel
meer.

De volgende dagen werd de 3rd Canadian Division afgelost door de 2nd Canadian Division,
terwijl de 1ste Canadian Division belast werd met de frontlijn van de Observatory Ridge tot
Hill 60. .
De P.P.C.L.I. had niet alleen haar commanding officer, Buller, verloren maar ook 407 gedode,
gewonde en krijgsgevangen gemaakte manschappen. De 4th CMR betreurde de verbijsterende
verliezen van 626 casulaties waaronder haar commanding officer Ussher die krijgsgevangen
was gemaakt. Shaw, de CO van de 1st CMR sneuvelde op de Tor Top, evenals de CO’s
Baker van het 5th CMR en Hay van het 52nd Battalion.
In het Noorden was het nauwelijks beter vergaan. De RCR in de lijn bij Hooge telde 158
slachtoffers.
Mercer bleek gesneuveld door granaatvuur en Williams was gewond geraakt en krijgsgevangen
gemaakt.
De 7th Brigade met het 42nd en het 49nd Battalion moest respectievelijk voor het eerste 283
en voor het tweede 366 casulaties opgeven.

Reserves arrive and prepare to counter attack. By an hour after the enemy infantry attack
had begun, reserve units were arriving in the area: 2nd and 5th Canadian Mounted Rifles of 8th
Brigade, and 42nd Battalion of 7th Brigade. It was clear that this was too small a force to mount
a successful counter attack, so orders were given for these units to form a defensive line, using
the best communication trenches and other features they could find. More units were moving up
too, including 7th Battalion of 1st Canadian Division, and the Canadian Motor Machine Gun
Brigade.
Julian Byng issued an order at 4.25pm for a counter attack to take place, directing that a Brigade
of 1st Canadian Division should attack to the south, and one of 3rd Canadian Division to the
north. The latter part was abandoned after discussion with 3rd Division about the state of their
troops. 1st Division decided that Brigadier-General Louis Lipsett's 2nd Brigade should make an
attack against Mount Sorrel, with Brigadier-General George Tuxford's 3rd Brigade against Tor
Top. The two Brigadiers met at Railway Dugouts to plan the attack in detail. 7th Brigade was
added to the plan, to attack between Tor Top and the Appendix. But the fresh units, still moving
up from as far away as Poperinge, were not fully in position when the agreed time for the assault
came, at 2am on 3rd June. Many were caught in German barrages falling on the roads and tracks
as they trudged towards the inferno.


The counter attack fails, with heavy losses. It was not until the broad daylight of
7.10am on 3rd June that the Canadian units were ready to make the planned counterattack.
Uncertainty arose when fourteen signal rockets were fired before six - the chosen start signal –
had been successfully ignited. A terrible consequence was that the three attacks began at different
times, and the enemy was able to concentrate their fire. Small parties penetrated into the German
front lines, and fearsome close fighting took place but the Canadians were too few in number to
capture the trenches and hold on, and between noon and 1pm they fell back to their start
positions. But at least the gaps in the British line had been filled, and the general position
established some 1500 yards from the German line, closer than it had initially been after the
German attack.[/i

De snelle Duitse winst bij het Hooge op 6 juni
De Duitsers lieten op 6 juni vier ondergrondse mijnen exploderen, onverwacht, om 3.05 p.m. De
200 man van de compagnies van het 28th Battalion (Saskatwechan) die deze posities bij het
Hooge bezet hielden,.werden eenvoudig weggevaagd. De Duitse infanterie was er als de kippen
bij en nam de posities in. Hevig, wrekend vuur van de andere compagnies, ook van het 31st
Battalion, de Alberta’s, vanuit het Zouave Wood, voorkwam dat de Duitsers verder oprukten. Als
ze dat al wilden, want ze groeven zich tamelijk content in op de veroverde hogere posities.
(Waarschijnlijk is hier geen Württembergs regiment in de slag want deze gebeurtenis ontbreekt
in hun rapportages. Anderzijds maken zij wel melding van hevige gevechten op 4 juni op hun
linker flank en dat moet in het door de Britten verdedigde deel van de frontlijn zijn omdat de
Canadese geschiedschrijving daarvan geen gewag maakt.)

[i]British counter-attack plans are disrupted by another German effort German infantry attacked at Hooge and Hill 60 after a three-hour bombardment and the blowing of four mines at the former place at 3pm on 6th June 1916. They met the 6th Canadian Brigade, which had just arrived in the area. For a while the enemy entered the Canadian trenches and were only ejected in places after a stiff fight. They were beaten off at Hill 60. Julian Byng, tempted to regain the Hooge trenches, considered an effort to do so but decided to leave the old British front line in enemy hands while concentrating forces on the regaining of Mount Sorrel and Tor Top. Douglas Haig approved Byng's plan, but deployed the 2nd Cavalry Brigade, dismounted, of 2nd Cavalry Division as a reserve for the Canadian Corps, just in case this latest German effort was a forerunner of further attacks. The proposed recapture of the ridge was further delayed when the weather closed in, and air reconnaissance became impossible.




Haig insists on the recapture of the ridge line, reinforces the sector. With the enemy now
having unhindered observation across the salient, Ypres and the rear areas, it was imperative to
wrest the heights back from the Germans. Sir Douglas Haig, desperate to avoid diluting the
build-up of forces on the Somme any further, had little choice but to reinforce Second Army if
they were to achieve this. 89th Siege Battery, 51st Howitzer Battery and two South African
Howitzer Batteries (the latter new to France) were ordered intro the area, as was the artillery and
9th Infantry Brigade of 3rd Division which was out at rest under GHQ orders. 9th Brigade moved
into the St Eloi sector and relieved 5th Canadian Brigade, that moved north. For some days, the
weather deteriorated, making the work of consolidating the new position and making it ready for
an assault very much more difficult.


De geslaagde tegenaanval op 13 juni
Op 12 juni was Byng klaar met de voorbereiding van de tegenaanval. Artillerie ter plaatse,
infanterie op de jump off. Tussen 9 en 12 juni hadden 200 stuks geschut zich ingeschoten op de
Duitse posities.
Byng had een stoutmoedig plan gemaakt: het zou een nachtelijk aanval moeten zijn die om twee
uur am van start ging. De 1st Canadian Division moest de grootste last van de aanval dragen.
Aan het Toronto regiment (3rd Battalion) de eer om Mount Sorrel in te nemen, na een aanloop
van maar liefst 500 meter. De Black Watch of Montreal en de Western Canadian Scottish werden
belast met de aanval van twee kanten op de Observatry Ridge. En de naastliggende Hill62 oftwel
Tor Top: waarvoor een afstand van zelfs 700 meter overbrugd moest worden. De central
Ontario’s van de geteisterde 3rd Canadian Division kregen als het ware de kans op rehabilitatie.
Zij moesten de frontlijn van de rand van het Sanctuary Wood 300 meter terugleggen en de
oorspronkelijk Canadese frontlijn heroveren.
De artillerie had de aanval goed voorbereid. De tijdschema’s klopten. De communicatie verliep
vlot en was duidelijk. En het succes was ernaar.
In de dagen die volgden leken de Duitsers zich voorlopig bij de stand van zaken neer te leggen en
herstelden zij hun oude frontposities op de bekende Duitse grondige manier.





Uit de hartelijk aanbevolen site Long, Long Trail. The British Army in the Great War :
http://www.1914-1918.net/bat14_5.htm

Voor (veelal bekende) beelden is er nog dit ere-filmpje:
http://www.youtube.com/watch?v=6W4IyB_BdNY

Final preparations are made. Despite the rain, British artillery shelled the German
lines on Mount Sorrel and Tor Top for four hours each day from 9th June. Unable to be spotted
from the air, the effects were uncertain. Final orders for the attack were issued on 11th June, and
zero hour was fixed for 1.30am on 13th. The depltede Canadian battalions were formed up into
two composite Brigades for the attack. On the left, 2nd, 4th, 13th and 16th Battalions under
George Tuxford would go for Tor Top. On the right, Louis Lipsett would have 1st, 3rd, 8th for
the effort at Mount Sorrel, with 7th holding Hill 60. 5th, 10th, 14th and 15th Battalions were held
as close reserve under Brigadier-General Garnet Hughes. The bombardment was lengthened and
intensified on 12th June, and the attacking units moved into position without incident. Smoke
screens were laid down by the artillery and Stokes mortars (indeed, 20th (Light) Division, on the
left of the Canadians across the Menin Road near Railway Wood, also used smoke, under cover
of which they mounted four successful trench raids as the bigger effort opened to the south). The
leading waves moved out into no man's land under cover of the barrage and the smoke, and
waited for zero in driving rain.


The counter-attack goes in The assault began on time at 1.30am, and the Canadian
infantry quickly took the German front lines. More than 190 prisoners were taken in the First
minutes. A heavy German bombardment opened on the newly captured positions, which
combined with the mud (after days of rain) and the already churned-up nature of the ground
made the spade work of consolidation of the position very difficult. It was simply impossible to
be sure where the original front lines had been, so numerous were the water-filled shell holes and
mine craters. As it turned out, the new posts that were dug - it was not possible to make a
continuous line - were in places a hundred yards behind the original position, but it did not
matter. The Germans had been pushed off the Mount Sorrel and Tor Top ridge, and the
Canadians had most successfully executed their first deliberately planned attack on the Western
Front. A combination of excellent staff work and planning, brilliantly executed artillery work in
poor weather, and the formidable courage of the Canadian infantry, had saved the day.
.

De verliezen waren groot
Gesneuveld, gewond of krijgsgevangen verloren de Canadezen 8.000 man. Daaronder twee
generaals, zes bataljons-commandanten. De helft van de totale verliezen die zij in de hele oorlog
leden op Vlaamse bodem.En waartoe? Om de Duitse aanval tot staan te brengen en het verloren
terrein terug te winnen. Per saldo was er niets veranderd.
Aan de andere kant was het verheugend dat de nieuwe professionaliteit waarmee een zware
nederlaag weggepoetst was, het zelfvertrouwen versterkte.

Senior officer casualties
Lieutenant-Colonel Herbert Buller DSO, 34, OC Princess Patricia's Canadian Light
Infantry and formerly of the Rifle Brigade, killed in action at Sanctuary Wood, 2 June 1916.
Buried in Voormezele Enclosure No. 3.
Major-General Malcolm Mercer CB, 56, GOC 3rd Canadian Division, killed in action at
Mount Sorrel, 2 June 1916. Buried in Lijssenthoek Military Cemetery.
Lieutenant-Colonel Alfred Shaw, 34, OC 1st Canadian Mounted Rifles, a resident of
Calgary, killed in action at Mount Sorrel, 2 June 1916. Has no known grave, and is
commemorated on the Menin Gate Memorial to the Missing, Ypres.
Lieutenant-Colonel George Baker, 38, OC 5th Canadian Mounted Rifles (Quebec
Regiment), a Member of the Canadian House of Commons, died of wounds, 2 June 1916.
Buried in Poperinghe New Military Cemetery.
Lieutenant-Colonel Frank Creighton, 41, OC 1st Canadian Battalion (Western Ontario
Regiment), originally from Nova Scotia but a resident of Winnipeg, died of wounds incurred
during the relief of his unit on 13 June, on 19 June 1916. Buried in Lijssenthoek Military
Cemetery.

Other casualties
Between 2nd June and 14th June 1916, the Canadian Corps lost a total of 73 officers and 1053 other ranks killed; 257 officers and 5010 other ranks wounded; 57 officers and 1980 other ranks missing, a total of 8430.
German losses recorded were 32 officers and 1191 other ranks killed; 71 officers and 3911 other ranks wounded; 6 officers and 554 other ranks missing, a total of 5765.



Naar boven
Patrick Mestdag
Moderator


Geregistreerd op: 30-5-2005
Berichten: 5692
Woonplaats: De Pinte

BerichtGeplaatst: 10 Nov 2007 17:32    Onderwerp: Reageer met quote

Puik werk en bijdrage Peter zoals we ze graag lezen.
@+
Patrick
_________________
Verdun ….papperlapapp! Louis Fernand Celine
Ein Schlachten war’s, nicht eine Schlacht zu nennen“ Ernst Junger .
Oublier c'est trahir ! marechal Foch
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
pifilsofimos



Geregistreerd op: 10-9-2007
Berichten: 668

BerichtGeplaatst: 20 Jun 2011 21:14    Onderwerp: Reageer met quote

Eventjes deze topic weer in de belangstelling plaatsen . Slag die juist 95 jaar geleden eindigde waar hij was begonnen op 2 juni.
Zelfs de Canadezen kennen vaak het verhaal niet, behalve dan dat General Mercer.
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45632

BerichtGeplaatst: 20 Jun 2011 21:34    Onderwerp: Reageer met quote

Dank je.
Ik had deze link nog paraat:

THE ST. ELOI CRATERS AND MOUNT SORREL, 1916
http://cefresearch.com/matrix/Nicholson/Transcription/Chapter5.pdf
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Berichten van afgelopen:   
Plaats nieuw bericht   Plaats Reactie    Forum Eerste Wereldoorlog Forum Index -> Het Britse Leger en de Commonwealth eenheden Tijden zijn in GMT + 1 uur
Pagina 1 van 1

 
Ga naar:  
Je mag geen nieuwe onderwerpen plaatsen
Je mag geen reacties plaatsen
Je mag je berichten niet bewerken
Je mag je berichten niet verwijderen
Ja mag niet stemmen in polls


Powered by phpBB © 2001, 2002 phpBB Group